Deel 3 van de expositie Van Bevrijdingsdag 2025

62. Pieter en Woutrina van der Kloet trouwden zonder familie uit Friesland

Pieter van der Kloet was in dienst geweest al voor de Tweede Wereldoorlog en was al weer aan het werk bij een boer op Tibma, tot hij plotseling werd opgeroepen voor de Mobilisatie. Op de eerste dag van de Tweede Wereldoorlog moest hij “foar syn nûmer opkomme”, zoals dat genoemd werd en moest naar Dubbeldam, waar ook David Kloosterman gelegerd was. Pieter werd meteen krijgsgevangen genomen. De Duitsers waren er sneller dan verwacht.

Pieter had een dienstkameraad, waarmee hij regelmatig naar huis ging. Zo kwam hij in contact met zijn latere echtgenote Woutrina Veldman, de zus van de vrouw van de dienstkameraad. Eind 1944 wilden Pieter en Woutrina graag trouwen, maar het was niet mogelijk om te reizen van of naar Friesland. Er werd hevig gevochten in die omgeving. Het vervoermiddel op de Trouwdag was een huifkar.
Van de dienstkameraad kreeg Pieter een hoefijzer met de tekst er op geschilderd: “Ter herinnering aan mijn diensttijd in Ede 1938”.



63.Heine de Bruin uit Aldwâld op 25-jarige leeftijd aan het einde van de oorlog omgekomen
Heine de Bruin was 2 jaar getrouwd met Janke De Bruin-Nieuwenhuis, dochter Pietje was 1 jaar.
In de nadagen van de Tweede Wereldoorlog werd door de Binnenlandse Strijdkrachten in de nacht van 13 op 14 april 1944 de sluis Dokkumer Nieuwe Zijlen in bezit genomen en beveiligd.
Zij bewaakten ook een nabijgelegen driesprong bij de Soensterdijk. Bij diverse gebeurtenissen die volgden, kwamen Pieter Postma, Gerrit Bleeker, Jacob de Graaf en Heine de Bruin om het leven. Naar alle vier is een straatnaam genoemd in de gemeente Kollumerland. Aan Duitse zijde vielen 23 doden.

Hij werd net voordat ons land bevrijd werd, doodgeschoten door een groep Duitsers, die op de vlucht waren geslagen. Zij waren in de veronderstelling dat het Canadezen waren.

Heine de Bruin met zijn ouders en broers en zussen


Op de eerste foto Heine de Bruin. Daarna persoonsbewijs en armband van De Nederlandse Binnenlands Strijdkrachten en een vrijstellingsbewijs voor bezit fiets.

64. Landwachterslied op Bevrijdingsdag gezongen

De Landwachters werden gehaat, blijkt wel uit dit liedje

65.Capitulatie-overeenkomst geteekend!

66.De bevrijders van Westergeest, the Royal Canadian Dragoons

In april 1945 speelden de Royal Canadian Troops, waaronder de Royal Canadian Dragoons een sleutelrol bij de bevrijding van Friesland tijdens de laatste fase van de Tweede Wereldoorlog. Onder de codenaam Operatie Quick Anger trokken zij de provincie binnen en bevrijdden steden en dorpen met indrukwekkende snelheid en precisie.

Op 12 april 1945 begonnen ze hun opmars bij Noordwolde, gevolgd door de bevrijding van Dokkum op 14 april en de hoofdstad Leeuwarden op 15 april. Deze acties verliepen relatief snel, mede dankzij de effectieve samenwerking met het Friese verzet dat waardevolle inlichtingen en logistieke ondersteuning bood. Ook de dorpen Westergeest en Kollum werden door de Royal Canadian Troops bevrijd.

De bevrijding van Friesland was strategisch belangrijk voor de verdere opmars naar het noorden van Nederland en hielp om Duitse bevoorradingslijnen te verstoren. Elk jaar wordt de bevrijding herdacht op 15 april, bekend als ‘’Leeuwarden Day’’, met ceremonies en het hijsen van de regimentsvlag van de Royal Canadian Dragoons.

 

Tabaksbladeren zelf verbouwen
Jan Brouwer vertelde, dat zijn vader ook tabaksplanten verbouwde, zowel voor pruimtabak  als voor shag. De bladeren werden gedroogd op de “hokszolder”. Als ze droog waren, gingen ze er mee naar de smid, die had een machientje om ze te snijden. Jan nam van school een (overtrek)blaadje uit een tekenschrift mee, dat gebruikt werd als vloei. Toen de Canadezen over de Trekweg aankwamen rijden met de bevrijding, gooiden ze pakjes sigaretten naar de mensen, die aan de kant stonden te juichen. Jan zijn vader kon een pakje sigaretten bemachtigen. Jan kreeg toen ook zijn eerste sigaret.

 

67. Gedicht

Een eeuw gaat verstrijken
als een rimpel in de tijd

Een stip in de eeuwigheid
Met geen andere eeuw te vergelijken

Rampspoed en verandering waren groot
Soms vermomd als de vooruitgang

Maar er was veel ellende en dood
Te veel mensen bevreesd en bang

De nieuwe eeuw met het nieuwe jaar
Staat bij de een en dertigste keer klaar

Wat er in die nieuwe tijd gebeuren zal
Schept zorg en perspectief tegelijk

En geeft geen rust of zekerheid
Vraagt eigen inzet bovenal

68. Oorkonde

69.Een nieuw welkomstlied


70.Indiëgangers uit Westergeest

Jongemannen van Westergeast naar Indië!
Toen de Tweede wereldoorlog was afgelopen, wilde Indië ook van Nederlandse overheersing af. Omdat de Nederlandse politiek er in die dagen anders over dacht, werden jongemannen opgeroepen en naar Indië gestuurd om daar de orde te handhaven en te zorgen dat Nederland daar de baas bleef.

Onderstaande jongemannen uit Westergeast werden ingezet tijdens de Indonesische Onafhankelijkheidsoorlog van 1945–1949

-Heine van Assen geboren in 1925 en overleden in 1996, woonde aan de Kalkhúswei, echtgenoot van Nellie Zijlstra.
-Heine de Bruin geboren in 1928 en overleden in 1994, woonde aan de Eelke Meinertswei, echtgenoot van Mattie Venema
-Lieuwe Huisman geboren in 1925 en overleden in 1998, echtgenoot van Froukje van der Veen(zus van Andries van der Veen)
-Jan Kingma, geboren in 1925 en overleden in 2000, echtgenoot van Henny Schotanus
-Sierk Schotanus geboren in 1925 en overleden in 1996, echtgenoot was Anne
-Tjalling Sipma geboren in 1925
-Andries van der Veen, geboren in 1925 en overleden in 1972
-Abraham de Vries, geboren in 1915 en overleden in 1987, echtgenoot van Boukje
-Jan Veenstra, geboren in 1925 en overleden in 1969, zoon van Wessels Anne van de Kalkhúswei.

Heine van Assen, Lieuwe Huisman en Andries van der Veen

Heine de Bruin (Westergeest)

Bram de Vries


Heine van Assen


Jan Kingma

Jan Veenstra

Sjirk Schotanus kreeg in Assen zijn opleiding als hospitaal-soldaat.  De familie heeft op maandag 23 september 1946 afscheid van hem genomen in Buitenpost, van waaruit hij met de trein vertrok via Assen naar Rotterdam, waar ze op de 27e september ingescheept werden op  “de Ruijs”. Op 23 oktober kwamen ze aan in Tandjong Priok. Op de terugreis voeren ze met de “Waterman” op 5 november 1949.
Sjirk krijgt een onderscheiding, uitgereikt door Prins Bernard.
Dit  vanwege o.a. het ophalen van gewonden van het slagveld, met gevaar voor eigen leven.


Sjirk Schotanus krijgt een onderscheiding van Prins Bernard

Sjirk Schotanus


Tjalling Sipma
71. Heine de Bruin van Westergeest naar Indië met Zuiderkruis

Heine de Bruin ( geb. 1928) was getrouwd met Martha Venema en de kinderen zijn Anna, Jappie, Griet en Aafke.

Heine de Bruin en Liekele van der Veen hadden de leeftijd om voor militaire dienst naar Indië uitgezonden te worden. Beide mannen konden vrijstelling krijgen, omdat ze voor hun werk niet gemist konden worden. Liekele kon niet gemist worden op de boerderij en bleef thuis. Heine de Bruin wilde niet achterblijven als de andere jongens wel moesten gaan.

72. Thuiskomst Indiëgangers in het jaar 1949
Vaak werd door de Bazuin een serenade gegeven. Ook werden de vlaggen gehesen

10 oktober 1949: Heine van Assen
10 november 1949: Jan Veenstra en Lieuwe Huisman
17 december 1949: Andries van der Veen
B. Walda en Tjalling Sipma

Van een aantal hebben we het bericht uit de krant.




 

Het Ministerie van oorlog schreef tussen 1950 en 1953 geregeld een briefje naar de Burgemeester van Kollumerland c.a. (Burg. Praamsma) met het verzoek 10 à 15 personen te complimenteren en een oorkonde toe te zenden.

 

73. Siep Schotanus na de bevrijding  in militaire dienst
Iedereen kon weer de weg op of aan het werk. Tenminste als ze niet opgeroepen werden voor militaire dienst. Er waren ook  jongens die vrijwillig in dienst gingen. Die moesten na een inwerkperiode naar Engeland. Siep Schotanus is 3 jaar in Engeland geweest bij de genietroepen.

In 1947 kwam hij met verlof thuis en nam tandpasta en fietsbanden mee en leerde hen thuis met mes en vork te eten. Siep op de foto linksachter.

74.Dodenherdenkingen

Ieder jaar wordt er, indien mogelijk,  op 4 mei aandacht besteed aan de Dodenherdenking op de begraafplaats in Westergeast.

De eerste dodenherdenking was in 1955. Bij de stille tocht op de foto lopen voorop Eabele Adema en Klaas Wiersma met omfloerste trom, dat een teken van rouw aangeeft.

Vaak werden er kransen overgestuurd vanuit Engeland en Canada van nabestaanden van de omgekomen vliegers

In 1998 heeft een stijlvolle onthulling van een gedenkteken plaatsgevonden, waarbij aanwezig Mike Shepherd van het Parachute regiment RAF en Luut Klaver, die heeft mee geholpen na de crash. Het gedenkteken is voor de vijf bemanningsleden van de RAF-bommenwerper, die neergestort is nabij de Bûnte Hûn, waarvan niks is teruggevonden.

 




Willem Jonker was de “deagraver”. Hij was hier bij de graven van de Engelse piloten, wiens vliegtuig in de oorlog in Westergeest neerstortte. Van de Duitsers moest hij een witte kiel dragen

 

75.Twintig  bommen(tjes) opgegraven en tot ontploffing gebracht.

Op 5 mei 1943 is de bommenwerper Halifax neergestort op het land van de familie de Bruin. Er lagen na de crash bommen in het land, die Pieter van der Haak en Willem Jonker hebben opgezocht en in overleg met de Bruin, die ook beheerder was van de begraafplaats, begraven op het kerkhof tussen het baarhokje en de heg. Dit was een plek, waar nooit gegraven zou worden, dus een veilige plek. De bommen lagen zorgvuldig begraven op één meter diepte. Het waren 8 fosforbommen,  die 50 cm lang waren en een doorsnee hadden van 12 cm.
De 12 staafrandbommen waren 20 cm lang en hadden een doorsnee van 3 á 4 cm.

In de Kollumer Courant van 14 november 1986 werd gemeld  dat de EOD( Explosieven Opruimingsdienst) de bommen heeft opgegraven en op een aanhangwagen met een laag zand gelegd en onder politiebegeleiding  laten vervoeren door  de heren Piet Westra en Steffen Veenstra van de gemeente, die zich vrijwillig meldden voor dit klusje. Met 28 staven kneedspringstof werden de bommen op de stortplaats tot ontploffing gebracht.

76.Bevrijding door de Canadezen

Op zondagochtend 14 april 1945 tegen twaalven kwamen de eerste vrachtauto’s met Canadezen langs de Trekweg. Voorop reed in een burgerauto met Oberman uit Dokkum op de treeplank, met het geweer in aanslag om de Canadezen de weg te wijzen en bedacht te zijn op eventuele onverwachte aanvallen.
De mensen uit Westergeest kwamen allen naar de Kalkhúsbrêge om de Canadezen te begroeten. Eelkje Sipkema en Henny Schotanus en Jappie van der Werff weten zich dit moment nog goed te herinneren.



De foto’s zijn van 5 mei 2024, toen er militaire voertuigen door Westergeast reden.
77. Bevrijdingsroute


Op vrijdag 13 april rijden de eerste Canadezen Appelscha binnen. De binnenlandse strijdkrachten bewaken de bruggen en delen de Canadezen mee waar zich Duitsers bevinden en waar ze heen trekken. Op veel plaatsen wordt gevochten tussen de BS en de Duitsers. Bij al die gevechten sneuvelen 31 BS’ers. Een Canadese bevelhebber zegt dat de Friezen zichzelf hebben bevrijd, maar uit de verhalen blijkt dat het niet zonder de hulp van de Canadezen kan. In de nacht van 13 op 14 april worden door de BS de wegen van Veenwouden naar Dokkum afgezet. Op 14 april rijden de Canadese tanks via Drachten richting Veenwouden.  Om tien uur loeit in Veenwouden nog de sirene. Er wordt geschoten tussen Duitsers en de BS. s’Middags komt een groep van zo’n 40 Canadezen Veenwouden binnen. In Damwoude arriveren ze om kwart over zeven. De bevolking is ontzettend blij met de komst van de bevrijders. Vervolgens gaat de tocht die zaterdagavond verder naar de markt in Dokkum.

Bij Makkum wordt op 18 april nog hevig gevochten. Hier bevinden zich Duitsers die zich nog niet willen overgeven. Canadezen en BS’ers moeten lang schieten voordat de laatste Duitsers in Friesland zich overgeven. Om drie uur op die woensdagmiddag is het gevecht afgelopen. De Duitsers geven zich over en Friesland is, op de Waddeneilanden na, bevrijd.

 

Share This:

Een reactie plaatsen

Opgeslagen onder Algemeen

Laat een reactie achter